Wanneer het lichaam begint te spreken
Veel lichamelijke klachten ontstaan niet zomaar. Ze ontwikkelen zich vaak geleidelijk, als reactie op iets dat innerlijk al langer speelt. Emoties die we wegdrukken, spanning die we niet echt toelaten of verwerken — het verdwijnt niet, maar zoekt een andere weg.
Wat niet gevoeld wordt, blijft aanwezig in het systeem. Het kan zich vastzetten, verstrakken of verharden, totdat het niet langer op de achtergrond kan blijven. Op dat punt begint het lichaam signalen te geven. Niet om tegen je te werken, maar juist om je aandacht ergens naartoe te brengen.
In die zin is een klacht niet alleen iets fysieks. Het is ook een vorm van communicatie.
De opbouw van spanning
Wanneer je jezelf blijft aanpassen, emoties inslikt of voortdurend over grenzen heen gaat, ontstaat er spanning in het lichaam. Die spanning is niet alleen mentaal, maar ook voelbaar in spieren, ademhaling en energie.
Als die spanning geen ruimte krijgt om te ontladen — bijvoorbeeld via rust, beweging, gesprek of bewust voelen — dan bouwt ze zich verder op. Het lichaam moet ergens met die druk naartoe. Vergelijk het met een systeem waarin steeds meer druk ontstaat zonder dat er een uitweg is.
Op een gegeven moment wordt die druk te groot om te negeren. Dan kan het zich uiten in pijn, vermoeidheid, blokkades of ontstekingen. Vaak reageren juist de plekken die al wat gevoeliger zijn.
Het lichaam als grens
Soms doet het lichaam iets wat je bewust nog niet durft. Het kan je stilzetten, vertragen of letterlijk tegenhouden.
Denk aan iemand die al lange tijd voelt dat een situatie niet meer klopt, maar geen stap zet. De innerlijke spanning loopt op, maar wordt niet bewust doorbroken. Tot er iets gebeurt waardoor doorgaan simpelweg niet meer lukt — bijvoorbeeld een blessure of plotselinge uitval.
Dat lijkt op pech, maar vaak zit er ook een onderliggende logica in. Het lichaam creëert als het ware een grens waar die eerder niet werd genomen.
Dat betekent niet dat elke klacht één duidelijke oorzaak heeft, of dat alles direct te herleiden is tot één emotie. Zo simpel is het niet. Maar klachten kunnen wel een ingang zijn.
Ze kunnen je uitnodigen om te kijken:
– waar je spanning vasthoudt wat je vermijdt of uitstelt
– waar je jezelf voorbijloopt
– en waar je misschien zachter mag worden naar jezelf
Niet om iets te “fixen”, maar om iets te gaan zien.
Een andere manier van luisteren
Wanneer je het lichaam niet alleen benadert als iets dat gerepareerd moet worden, maar ook als iets dat iets probeert duidelijk te maken, verandert er iets in hoe je ermee omgaat.
Je hoeft klachten niet direct op te lossen om er anders naar te kijken. Soms begint het al met vertragen, voelen en erkennen wat er is — zonder er meteen iets van te vinden.
Van daaruit ontstaat er vaak meer ruimte. En in die ruimte wordt het makkelijker om keuzes te maken die beter aansluiten bij wat je werkelijk nodig hebt.
Belangrijk om te onthouden
Deze verbanden zijn geen vaste regels. Het lichaam is complex, en klachten hebben vaak meerdere oorzaken. Wat deze benadering wél kan doen, is je helpen om anders te luisteren. Niet alleen naar wat er mis is, maar ook naar wat er misschien aandacht vraagt.
A
- Aambeien: Moeite met loslaten. Spanning rondom vasthouden versus willen ontspannen.
- Abces: Opgebouwde spanning of emoties die geen ruimte hebben gekregen en zich opstapelen.
- Achillespeesklachten: Gevoel van niet vooruitkomen of jezelf klein houden in beweging of keuzes.
- Ademhaling: Adem weerspiegelt hoe je in het leven staat.
– Inademing: ontvangen
– Uitademing: geven
Moeizaam ademen kan samenhangen met spanning, druk of angst. - Aderverkalking: Verharding kan symbolisch staan voor minder doorstroming — fysiek én emotioneel. Mogelijk moeite met openstaan of vertrouwen.
- Aften: Ingehouden woorden of irritaties die niet uitgesproken worden.
- Allergie: Sterke reactie op prikkels. Soms ook een innerlijke weerstand tegen iets in de omgeving.
- Alzheimer: Terugtrekken uit de realiteit. Kan samenhangen met angst, overbelasting of het loslaten van grip.
- Amandelontsteking: Iets ‘moeten slikken’ wat moeilijk te accepteren is. Ingeslikte boosheid of weerstand.
- Angina pectoris: Hoge innerlijke druk. Weinig ruimte ervaren voor jezelf.
- Anorexia: Complex samenspel van controle, zelfbeeld en behoefte aan grip. Vaak diep verbonden met eigenwaarde en veiligheid.
- Armen: Hebben te maken met handelen en verbinden: kunnen geven en ontvangen.
- Armklachten: Twijfel tussen vasthouden en loslaten. Of het gevoel dat je te veel moet dragen.
- Artritis: Stijfheid en weerstand. Mogelijk moeite met verzachten of loslaten van innerlijke spanning.
- Astma: Gevoel van benauwdheid — fysiek en/of emotioneel. Moeite met ruimte innemen of ervaren.
B
- Baarmoederklachten: Thema’s rond vrouwelijkheid, veiligheid, creatie en eigen plek innemen.
- Bedplassen: Onbewuste ontlading van spanning. Overdag weinig ruimte ervaren om jezelf te uiten.
- Beenbreuk: Abrupt tot stilstand komen. Soms wanneer je innerlijk al langer voelt dat je niet verder wilt op dezelfde manier.
- Bindvliesontsteking: Irritatie over wat je ziet of ervaart. Moeite met accepteren van een situatie.
- Bijziendheid: Meer gericht op het nabije dan op de toekomst. Soms behoefte aan bescherming of terugtrekking.
- Blaasontsteking: Opgekropte irritatie of frustratie, vaak in relationele sfeer.
- Blauwe plekken: Gevoeligheid, zowel fysiek als emotioneel. Botsing met jezelf of je omgeving.
- Blindedarmontsteking: Innerlijk conflict tussen volgen en tegenwerken. Moeite met eigen richting kiezen.
- Bloed (algemeen): Staat symbool voor levensenergie en vitaliteit.
- Bloedarmoede: Gevoel van tekort aan energie of kracht. Soms verbonden aan eigenwaarde.
- Hoge bloeddruk: Langdurige innerlijke spanning of druk.
- Lage bloeddruk: Weinig energie of moeite om jezelf volledig neer te zetten.
- Bloedneus: Ontlading van spanning. Soms ook een signaal van overbelasting.
- Boulimia: Schommeling tussen controle en loslaten. Innerlijke leegte proberen op te vullen.
- Borstklachten: Thema’s rond zorg, geven, ontvangen en emotionele afhankelijkheid.
- Botbreuken: Breuk met structuur of richting. Iets wat niet langer gedragen kan worden.
- Botontkalking: Verminderde stevigheid, mogelijk ook op emotioneel niveau.
- Braken: Afwijzing of afkeer. Iets niet kunnen of willen ‘binnenhouden’.
- Brandwonden: Intense emoties zoals boosheid of frustratie die weinig ruimte krijgen.
Bronchitis: Ingehouden irritatie of boosheid. Moeite met vrij ademen, letterlijk en figuurlijk.
C
- Coma: Diepe terugtrekking. Het systeem sluit zich af bij extreme overbelasting.
- Constipatie: Vasthouden — fysiek én mentaal. Moeite met loslaten van het verleden of controle.
D
- Darmklachten: Moeite met verwerken of loslaten. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal: indrukken blijven ‘hangen’.
- Darmkanker: Diepe gevoelens van onveiligheid of verlies van controle kunnen een rol spelen in hoe iemand zich ervaart in het leven.
- Diabetes: Thema’s rondom verlangen naar zachtheid, voeding (letterlijk en figuurlijk) en balans in geven en ontvangen.
- Diarree: Snelle ontlading. De neiging om iets zo snel mogelijk kwijt te willen of ergens aan te ontsnappen.
- Doofheid / slechthorendheid; Terugtrekken uit prikkels. Soms ook een manier om afstand te nemen van wat binnenkomt.
- Duizeligheid: Overprikkeling of het gevoel de grip even kwijt te zijn. Moeite om bij jezelf te blijven te midden van alles wat er speelt.
E
- Eczeem
Innerlijke spanning die zichtbaar wordt aan de oppervlakte. Gevoel van irritatie, begrenzing of jezelf niet volledig kunnen uitdrukken. - Eelt
Verharding als bescherming. Te weinig ruimte voor zachtheid of ontspanning. - Eierstokklachten / cysten
Kunnen raken aan thema’s rond vrouwelijkheid, creatiekracht en oude, niet verwerkte ervaringen. - Elleboogklachten
Moeite met bewegen in een richting. Vastzitten tussen doorgaan en tegenhouden. - Enkelklachten
Onzekerheid over richting of basis. Niet stevig staan in wat voor jou klopt. - Epilepsie
Een complex neurologisch beeld. In bredere zin kan het ook raken aan controle, spanning en ontlading in het systeem.
F
- Frigiditeit: Kan samenhangen met veiligheid, vertrouwen en hoe iemand zich verhoudt tot intimiteit en het lichaam.
G
- Galstenen: Opgestapelde frustratie of irritatie die ‘vast’ is gaan zitten.
- Overmatig geeuwen: Vermoeidheid of terugtrekken. Soms ook een subtiele manier om afstand te nemen van wat binnenkomt.
- Geheugenverlies: Beschermingsmechanisme van het systeem. Moeilijke ervaringen worden soms minder toegankelijk.
- Gezicht (algemeen): Hoe je jezelf laat zien aan de wereld. Spanning hierin kan zichtbaar worden in expressie of houding.
- Gordelroos (zona): Sterke prikkeling van het zenuwstelsel. Kan samengaan met innerlijke spanning of overbelasting.
- Griep: Moment van terugtrekken. Het lichaam vraagt rust wanneer de belasting te hoog wordt.
- Gulzigheid: Veel willen opnemen. Soms vanuit angst iets tekort te komen.
H
- Handen
Verbonden met handelen en contact maken.
– Rechterhand: doen, richting geven
– Linkerhand: ontvangen, voelen - Handklachten: Moeite met aanpakken of loslaten. Twijfel in handelen.
- Gehoorproblemen: Afsluiten of minder binnen willen laten. Bescherming tegen overprikkeling.
- Haar (algemeen): Kan symbool staan voor vitaliteit en hoe je je ‘gedragen’ voelt in jezelf.
- Haaruitval: Stress, spanning of het gevoel minder stevig te staan.
Hart (algemeen): Verbonden met gevoel, verbinding en levensvreugde. - Hartklachten: Kunnen raken aan hoe iemand omgaat met druk, emoties en eigen behoeften.
- Heesheid: Moeite met jezelf uitspreken of ruimte innemen met je stem.
- Herpes: Spanning en gevoeligheid die zich aan de oppervlakte laat zien, vaak rond grenzen en nabijheid.
- Hernia: Te veel druk dragen — fysiek of mentaal. Overbelasting.
- Hersenbloeding: Extreme overbelasting in het systeem. Grenzen zijn langdurig overschreden.
- Hersenhelften
– Links: denken, structuur, analyse
– Rechts: gevoel, intuïtie, creativiteit - Hersenschudding: Overbelasting van het hoofd. Te veel ‘moeten’ of mentale druk.
Hersenvliesontsteking: Hevige belasting van het systeem. Kan samengaan met intense spanning of druk. - Hinken: Gevoel niet vrij vooruit te kunnen bewegen.
- Hoesten: Ontlading van irritatie of spanning. Iets wil ‘naar buiten’.
- Hoofdpijn: Piekeren, drukte in het hoofd, spanning.
- Hooikoorts: Sterke reactie op prikkels van buitenaf. Gevoeligheid voor verandering of openheid.
- Huidklachten (algemeen): Grenzen en bescherming. Hoe je jezelf laat zien en afschermt.
- Huiduitslag: Irritatie die zichtbaar wordt. Gevoel van kwetsbaarheid.
- Hyperventilatie: Overprikkeld systeem. Moeite om rust en vertrouwen te ervaren in het moment.
J
- Jeuk (hevige): Onrust in het systeem. Alsof er iets wil bewegen of veranderen, maar nog geen ruimte krijgt. Kan gepaard gaan met ongeduld of innerlijke spanning.
K
- Kaakklachten: Ingehouden spanning, vaak rond frustratie of niet uitspreken wat je werkelijk voelt.
- Kaalheid: Kan samenhangen met langdurige spanning of controle. Minder ruimte voor spontaniteit of ontspanning.
- Kanker: Een complexe en ernstige aandoening met meerdere oorzaken. In bredere zin wordt soms gekeken naar langdurige overbelasting, diep opgeslagen spanning of verlies van verbinding met jezelf.
- Keelpijn: Moeite met uiten. Woorden blijven hangen of worden ingeslikt.
- Knieklachten: Thema’s rond flexibiliteit en meebewegen. Moeite met buigen — letterlijk en figuurlijk.
- Koorts: Het lichaam activeert om te herstellen. Kan gepaard gaan met innerlijke onrust of spanning.
- Krampen: Vasthouden en spanning. Moeite met ontspannen of loslaten.
- Kreupel lopen: Gevoel niet vrij te kunnen bewegen in het leven. Twijfel of onzekerheid over richting.
L
- Laryngitis: Onderdrukte expressie. Niet zeggen wat gezegd wil worden.
- Leukemie: Een ernstige ziekte met medische oorzaken. In bredere reflectie kan het raken aan kwetsbaarheid en verlies van energie of richting.
- Leverklachten: Opgekropte spanning of irritatie. Moeite met verwerken of ‘verteren’ van situaties.
- Liesbreuk: Druk die te lang is opgebouwd. Innerlijke spanning die fysiek zichtbaar wordt.
- Likdoorn / eksteroog: Plaatselijke druk of belasting. Kan symbool staan voor langdurige irritatie of spanning.
- Longontsteking: Het systeem raakt overbelast. Terugtrekken en herstel worden noodzakelijk.
- Lymfeklierzwellingen: Het lichaam is actief aan het verwerken. Gevoel van kwetsbaarheid of verminderde weerstand.
M
- Maagklachten: Moeite met verwerken van indrukken of emoties. Iets ‘ligt zwaar op de maag’.
- Mank lopen: Gevoel niet verder te komen zoals je zou willen.
- M.E. (chronische vermoeidheid): Langdurige uitputting. Het systeem heeft moeite om energie op te bouwen of vast te houden.
- Migraine: Overbelasting van het hoofd. Piekeren, spanning en hoge innerlijke druk kunnen een rol spelen.
- Multiple sclerose (MS): Complex neurologisch ziektebeeld. In bredere zin kan het raken aan spanning, controle en innerlijke bescherming.
N
- Nagels (algemeen): Kunnen iets laten zien over spanning en hoe energie zich uit.
– Afgebeten nagels: onrust, nervositeit
– Broze nagels: kwetsbaarheid - Naturisme (naakt zijn): Verlangen naar vrijheid en echtheid. Jezelf tonen zonder lagen.
- Nekklachten: Vastzitten in overtuigingen of moeite met meebewegen. Stijfheid in denken of houding.
- Neus (algemeen): Verbonden met intuïtie en aanvoelen.
- Nierklachten: Thema’s rond veiligheid, balans en vertrouwen.
O
- Ogen (algemeen): Hoe je kijkt naar jezelf en de wereld.
- Bijziendheid: Meer gericht op wat dichtbij is. Moeite met vooruitkijken.
- Verziendheid: Moeite met het hier en nu. Gericht op wat verder weg ligt.
- Wazig zien: Onzekerheid of het gevoel geen helder beeld te hebben van een situatie.
- Blindheid: Afsluiten of bescherming. Niet alles kunnen of willen zien.
- Oogklachten links/rechts
– Links: gevoel, innerlijke beleving
– Rechts: actie, handelen - Ontwrichting: Gevoel de richting kwijt te zijn. Geen duidelijke basis.
- Oren (algemeen): Luisteren — naar buiten én naar binnen.
- Oorontsteking: Overbelasting door prikkels of wat binnenkomt. Moeite met verwerken.
- Osteoporose: Verminderde stevigheid in het lichaam. Kan ook raken aan gevoel van draagkracht.
P
- Parkinson: Een complex neurologisch ziektebeeld. In bredere zin wordt soms gekeken naar spanning, controle en moeite met loslaten.
- Peesontsteking: Overbelasting en spanning. Te weinig ruimte voor soepelheid of herstel.
- Pols: Verbonden met handelen en richting geven. Balans tussen kracht en flexibiliteit.
- Prostaatklachten: Kunnen raken aan identiteit, vitaliteit en hoe iemand zich verhoudt tot zichzelf.
R
- Reumatische klachten: Langdurige spanning en belasting. Moeite met verzachten of ruimte maken voor jezelf.
- Roos (hoofdhuid): Oppervlakkige ontlading. Kan samengaan met spanning of mentale overactiviteit.
- Rugpijn – bovenrug: Gevoel van weinig steun of druk van buitenaf. Last dragen die zwaar voelt.
- Rugpijn – middenrug: Vastzitten in wat achter je ligt. Moeite met loslaten van eerdere ervaringen.
- Rugpijn – onderrug: Thema’s rond basis, veiligheid en bestaanszekerheid.
S
- Schedelbreuk: Abrupte onderbreking. Het systeem wordt gedwongen tot stilstand.
- Schildklierklachten: Balans tussen doen en zijn. Het gevoel niet volledig je eigen tempo te kunnen volgen.
- Schouders: Dragen en verantwoordelijkheid. Wat neem je op je
- Schouderklachten: Overbelasting. Te veel dragen zonder voldoende ondersteuning.
- Seniliteit (cognitieve achteruitgang): Terugtrekken uit complexiteit. Behoefte aan eenvoud, veiligheid en verzorging.
- Sinusitis: Druk in het hoofdgebied. Overbelasting door prikkels of emoties.
- Skelet (algemeen): Structuur en draagkracht.
- Skeletklachten: Gevoel van instabiliteit of onvoldoende ondersteuning.
- Slapeloosheid: Moeite met loslaten. Gedachten blijven actief.
- Slikproblemen: Iets niet kunnen aannemen of verwerken.
- Snijwonden: Kwetsbaarheid of spanning die zich direct uit.
- Spataderen: Langdurige belasting. Het gevoel vast te zitten in een situatie.
- Spierpijn: Overbelasting. Te veel spanning of inspanning.
- Staar: Veranderde manier van kijken. Minder helder zicht op wat voor je ligt.
- Stotteren: Onzekerheid in expressie. Twijfel om jezelf volledig uit te spreken.
T
- Tanden: Kracht, beslissingen en richting.
- Tandklachten: Moeite met keuzes maken of je plek innemen.
- Teenbreuk: Richting onderbroken. Tijdelijk niet vooruit kunnen.
- Tenen (algemeen): Verbonden met balans en richting in het leven.
- Tetanus / kaakklem: Extreme spanning in het systeem. Vastzetten in controle.
- Tong: Expressie en communicatie.
- Trombose: Stagnatie in stroming. Letterlijk en figuurlijk minder beweging.
- Tuberculose (TBC): Ernstige aandoening. In bredere zin kan het raken aan uitputting en verminderde weerstand.
V
- Verkoudheid: Lichte terugtrekking. Het lichaam vraagt rust en herstel.
- Verlamming: Onvermogen om te bewegen. Gevoel vast te zitten.
- Verslikken: Te veel tegelijk willen verwerken.
- Verstikking: Gevoel van geen ruimte. Emotioneel of fysiek.
- Verzakking: Verminderde draagkracht. Het gevoel het niet meer te kunnen dragen.
- Voedselvergiftiging: Reactie op iets wat niet goed ‘verwerkt’ wordt.
- Voeten: Basis, stabiliteit en richting.
- Voetklachten: Onzekerheid in je richting of moeite om stevig te staan.
W
- Wervelkolom: De ruggengraat staat voor stevigheid en richting. Hoe je jezelf draagt, letterlijk en figuurlijk.
- Wratten: Verdichting aan de oppervlakte. Kan samenhangen met onzekerheid, zelfbeeld of hoe je naar jezelf kijkt.
Z
- Zwaarlijvigheid
Bescherming en opslag. Soms een manier waarop het lichaam omgaat met spanning, kwetsbaarheid of het gevoel iets te moeten ‘vasthouden’. - Zweetvoeten: Onrust of onzekerheid. Het lichaam ontlaadt spanning via warmte en vocht.
- Zweren: Opbouw van irritatie of spanning die een uitweg zoekt. Iets dat te lang is blijven zitten en naar buiten wil.
Afronding
Wanneer je dit geheel bekijkt — van A tot Z — gaat het niet om het vinden van één oorzaak, maar om het openen van een ander perspectief.
Je lichaam reageert niet willekeurig.
Het beweegt mee met hoe je leeft, denkt en voelt.
En soms is het niet de klacht die centraal staat, maar de vraag eronder:




